26 april 2021
Geplaatst door dewi

In Kwadijkerpark is begonnen met de sloop van de laatste oude gebouwen van Prinsenstichting. Ze zijn in de jaren '70 gebouwd en tot dit jaar zijn ze intensief gebruikt. De gebouwen zijn 'op'. Het is tijd om ruimte te maken voor iets nieuws.

Grijpmachines
Achter de bouwhekken rijden mannen rond in 50 tonners. Grote oranje hydraulische machines verplaatsen zich op rupsbanden. Aan het uiteinde van hun lange armen zitten grijpers. Ogenschijnlijk moeiteloos tikken ze muren in. Een warm roze binnenwand verschijnt, met vrolijke tekeningen erop. Verderop worden de tegeltjes van een toilet zichtbaar. Een grijparm trekt een stuk dakbedekking los. Als een sinaasappelschil bungelt het stuk in de lucht en verdwijnt dan in een grote metalen bak.
 
Circulair
'Het dak is één van de weinige dingen die we weggooien.' zegt René Oudt, eigenaar van Oudt Zwanenburg sloopwerken BV. Hij wijst op immens grote metalen bakken op het terrein. 'dat halen we er apart af en meteen gaat het naar de container. Daarna komen we bij de houten daklaag met daaronder de stalen balken. Hout en staal halen we met precisie los, zodat het kan worden hergebruikt.'  De tijd van sloopkogels is voorbij. 'Mijn vader zat ook in het vak, mijn zoon ook. Hij is hier op het terrein aan het werk. Als kind ging ik graag met mijn vader mee. In die tijd ging alles in één containerbak. Je had hout, vuil en puin. Verder dacht men niet. Nu proberen we alles te scheiden in zo veel mogelijk deelstromen: isolatie, hout, puinrest en ijzer. We willen circulair werken: materialen die we losmaken worden hergebruikt in de bouw. Dit plaatmateriaal hier bijvoorbeeld zal misschien ergens een nieuw schuurtje worden, of een overkapping. Het hout op de grote stapel daar verderop wordt straks opgehaald door een instelling die mensen met een afstand tot de maatschappij aan het werkt helpt. Zij gaan het materiaal ontspijkeren en schoonmaken en dan is het weer als nieuw. '

Ruimte voor iets nieuws
Door iets te slopen ontstaat er ruimte voor iets nieuws. Oudt: 'Je maakt wat kapot en je maakt wat' noem ik dat. Zijn bedrijf haalde al heel wat kantoorgebouwen, ziekenhuizen, flats en woningen uit elkaar. Voor omwonenden is het soms best even slikken. Oudt: 'De eerste dagen dat we hier aan het werk waren stonden er cliënten van Prinsenstichting toe te kijken vanachter de hekken. Iemand zei: 'mijn huis gaat weg!' Ze waren boos en teleurgesteld. Nu zijn we een paar dagen bezig en dan neemt de emotie af.' Volgens Oudt hoort dit nu eenmaal bij zijn werk. 'Bij alle projecten die we doen komen er buurtbewoners langs: 'wat zonde dat dit weg gaat' zeggen ze dan, maar meestal komt er iets mooiers voor terug. Dat zal ook hier het geval zijn. Als wij ergens zijn geweest verschijnt er altijd weer wat moois'



Delen: